Artikel 10

WETTELIJK

Homo-adoptie:
Kind krijgt zelfde bescherming als kind van echtpaar

(door Sylvia Wortmann)

Begin mei heeft de staatssecretaris van Justitie de nota’s naar aanleiding van het verslag over de wetsvoorstellen tot openstelling van het huwelijk en tot invoering van adoptie voor personen van hetzelfde geslacht naar de Tweede Kamer gezonden. Intussen is daar beslist dat de mondelinge gedachtewisseling tussen de regering en het parlement voldoende is voorbereid. Waarschijnlijk zal de Tweede Kamer de wetsvoorstellen kort na de zomer mondeling behandelen. Op een paar elementen uit de nota naar aanleiding van het verslag bij de homo-adoptie ga ik in.

 

Verhouding afstamming-adoptie

 

Zowel in het afstammingsrecht als in het adoptierecht gaat het om het ontstaan en verbreken of vervallen van familierechtelijke betrekkingen. In het afstammingsrecht geldt daarbij als regel dat biologische en juridische afstamming samenvallen, terwijl dit in het adoptierecht juist uitzondering is. Dat is dan ook de reden dat, om ouderschapsrelaties tussen twee personen van hetzelfde geslacht en het kind dat zij verzorgen en opvoeden te doen ontstaan, niet het afstammingsrecht, maar het adoptierecht wordt gewijzigd. Bij twee personen van hetzelfde geslacht die een kind verzorgen en opvoeden, staat immers vast dat het kind niet van beiden kan afstammen. De regel dat biologische en juridische afstamming samenvallen, gaat dus niet op. Daarom ook wordt bij voorbeeld erkenning van een kind door de vriendin van de moeder in de nota naar aanleiding van het verslag afgewezen.

 

Belang kind staat voorop

 

Niet genoeg benadrukt kan worden dat ook bij de invoering van de homo-adoptie het kennelijke belang van het kind voorop staat. Steeds weer komt daarbij de vraag naar voren of het kennelijke belang van het kind gediend is met het opgroeien van het kind bij twee personen van hetzelfde geslacht. Die vraag is niet van vandaag of gisteren. Telkens weer wordt duidelijk dat wetenschappelijk onderzoek in dit opzicht het verlossende woord niet biedt en waarschijnlijk ook niet snel zal kunnen bieden. Wel valt het op dat er geen onderzoek voorhanden is waaruit valt af te leiden dat het opgroeien bij personen van hetzelfde geslacht de ontwikkeling van kinderen schaadt of negatief beïnvloedt. Het weinige en beperkte onderzoek dat er wel is, tendeert juist naar het tegendeel. Daarmee moeten we het voorlopig dan maar doen. De rechter die de adoptie uitspreekt, zal steeds moeten toetsen of het belang van het kind kennelijk is gediend met déze adoptie.

 

Nieuwe voorwaarde

 

Naast de voorwaarde dat een adoptie in het kennelijke belang van het kind moet zijn, wordt als nieuwe voorwaarde geïntroduceerd dat het kind niets meer van zijn ouder of ouders te verwachten heeft. Over deze nieuwe voorwaarde zijn veel vragen gesteld.

Deze nieuwe voorwaarde scherpt de bestaande voorwaarde aan dat een adoptie het belang van het kind kennelijk moet dienen. Het gaat er niet om dat enkel vastgesteld wordt waar het kind nu en in de toekomst beter af zal zijn. Het gaat erom dat een zo ingrijpende zaak als een verbreking van de banden met de oorspronkelijke ouder(s), die het gevolg is van de adoptie, eerst plaatsvindt als vaststaat dat het kind van zijn oorspronkelijke ouder(s) als ouder(s) niets meer te verwachten heeft. Antwoord is, met andere woorden, nodig op de vraag of de oorspronkelijke ouder(s) nog invulling (zullen en kunnen) geven aan hun ouderschap. Daarbij kunnen aan de opstelling van de ouder(s) ten tijde van de adoptie en in het verleden indicaties voor de toekomst worden ontleend.

Indien de oorspronkelijke ouder een donor is, heeft deze alleen een bijzondere positie in de adoptieprocedure als hij in een betrekking staat tot het kind die "family life" impliceert. Vaak zal daarvan pas sprake zijn als er een stevige band is of is geweest tussen de adoptieouder(s) en de donor of als er een stevige band is of is geweest tussen het kind zelf en de bekende donor. Op zichzelf bevordert het nieuwe criterium dan ook niet het anonieme donorschap. Er is immers meer voor nodig dan alleen het zijn van een bekende donor om in de adoptieprocedure een rol te spelen. Maar als het gaat om een bekende donor die "family life" met het kind heeft, dan moet hij in de adoptieprocedure betrokken worden.

 

Interlandelijke adoptie

 

Als twee personen samen een buitenlands kind willen adopteren, dan blijft gelden dat zij van verschillend geslacht en gehuwd moeten zijn. Ruimte om interlandelijke adoptie voor paren van gelijk geslacht open te stellen ziet de staatssecretaris op dit moment niet. Als we dat wel zouden doen, zou dat ertoe leiden dat paren van gelijk geslacht zich zouden kunnen melden ter verkrijging van beginseltoestemming. Deze paren zouden die ook krijgen, maar zij zouden vervolgens niet in aanmerking komen voor opneming van een buitenlands kind ter adoptie, omdat het buitenland niet toestaat dat er kinderen voor een dergelijke adoptie naar Nederland gaan. Er worden dan dus verwachtingen gewekt die niet waargemaakt kunnen worden. En dat doet niemand graag.

Laatst gewijzigd: 08-09-2000

 
lees artikel 9lees artikel 11

sail_bar.gif - 1.788 bytes


publicaties@kidkids.nl
publicaties@kidkids.nl
bovenkant pagina Kid-kids homepage
 © KIDkids 29-09-2000,
updated 29-09-2000.

 

home | KID-IUI | discussie | links | juridisch | FAQ | literatuur | uitgesproken | gevraagd | aangeboden | kaartjes | raadsels | sitemap